2.1 Benodigde weerstandscapaciteit
2.1.1 Algemeen
De benodigde weerstandscapaciteit wordt onder andere berekend op basis van inschatting van risico’s met behulp van de module Naris. De reden hiervoor is dat we gebruik willen kunnen maken van risicosimulatie in Naris (de Monte Carlo berekening). Dit omdat niet alle risico’s zich gelijktijdig en in volle omvang voordoen. Uitzonderlijke en grote risico’s zoals Wildlands worden buiten de Monte Carlo simulatie gehouden en afzonderlijk berekend. Dit omdat deze risico’s zich niet verhouden tot de omvang van andere risico’s en daarmee afbreuk zou doen aan de bruikbaarheid van de uitkomsten.
2.1.2 Risico's volgens risicoprofiel
Om de overige risico's in kaart te brengen is een risicoprofiel opgesteld. Via inventarisatie zijn alle financiële
risico's in kaart gebracht. Daarnaast onderkent de gemeente nog kwaliteits- en imagorisico's die 'niet
financieel' van aard zijn, of waarvan de omvang op dit moment niet te bepalen valt. In het onderstaande
overzicht worden de risico’s boven de zogenaamde rapportagegrens gepresenteerd (zie figuur hieronder:
risicokaart en rapportagegrens).
Financieel | Rapportagegrens | ||||
|---|---|---|---|---|---|
x > € 2.500.000 | |||||
€ 1.000.000 < x < € 2.500.000 | |||||
€ 500.000 < x < € 1.000.000 | |||||
€ 100.000 < x < € 500.000 | |||||
x < € 100.000 | |||||
Kans | 10% | 30% | 50% | 70% | 90% |
De risico’s die vallen boven de zogenaamde rapportagegrens worden in onderstaande tabel weergegeven:
Risico | Kans | In € | Invloed | t.o.v. begroting |
|---|---|---|---|---|
Volume- en prijs risico Jeugd. Het gebruik van Jeugd voorzieningen wijkt (meer gebruik) af door wachtlijsten en afname plaatsen zorgorganisaties. | 70%% | 9.200.000 | 36,92% | Mogelijk meer toename in prijs en volume dan verwerkt in begroting. |
Niet realiseren besparingen hervormingsagenda jeugd | 70% | 2.800.000 | 11,24% | Niet realiseren van besparingen jeugd |
De algemene uitkering kan lager uitvallen dan in eerste instantie is opgenomen in de begroting. | 50% | 3.000.000 | 6,42% | Algemene uitkering kan lager uitvallen dan opgenomen in begroting. |
Toelichting Prijs/volume risico Jeugd
Risico-bedrag (meer uitgaven boven begroting 2026) € 9,2 miljoen. Kans op optreden 70% aangezien beheersmaatregelen (onder andere programmatische aanpak van Jeugd) in opzet aanwezig zijn maar nog niet werkend zijn en als ze werkend zijn er tijd nodig is om een effect te hebben. Geformuleerde maatregelen;
1. Scherpere sturing op aangaan ClientGebondenOvereenkomsten (CGO's) om bovengemiddelde kostenstijgingen te voorkomen/beperken. CGO zijn over algemeen duurder dan regulier gecontracteerde plaatsen. 2. Programmatische aanpak van Hervormingsagenda Jeugd met programmamanager. 3. Periodieke rapportage naar management met daarin ontwikkelingen op prijs, volume, soort zorg, totale kosten en prognose van kosten zodat management daar waar nodig kan (bij)sturen op ontwikkelingen.
Toelichting niet realiseren besparingen hervormingsagenda jeugd
Ook voor 2026 wordt het moeilijk om de begrote besparingen te realiseren (€ 2,8 miljoen). De mogelijkheid bestaat dat de maatregelen uit de hervormingsagenda niet uitvoerbaar blijken of niet de beoogde besparing opleveren. Het rendement van de maatregelen zijn hierdoor onvoldoende of nihil, terwijl de rijksbezuinigingen wel volledig worden doorgevoerd.
Toelichting risico fluctuaties in overheidsuitgaven die doorwerken in de algemene uitkering
De hoogte van de algemene uitkering is moeilijk te beïnvloeden en te voorspellen. Sinds 2024 is het accres (de jaarlijkse groei van het Gemeentefonds) gekoppeld aan een nieuwe systematiek: een combinatie van gemiddelde bbp-groei over acht jaar en prijsontwikkeling. Dit zou op termijn moeten zorgen voor meer stabiliteit in de uitkering. Tegelijkertijd moet nog blijken of deze systematiek in de praktijk ook daadwerkelijk tot minder schommelingen leidt. In de komende jaren worden de financiële zorgen voor gemeenten tijdelijk verlicht, mede door maatregelen uit de Mei-circulaire 2025. Tegelijkertijd is duidelijk dat vanaf 2028 een aanzienlijke opgave ligt op het gebied van Jeugdzorg. De maatregelen uit de Hervormingsagenda Jeugd blijven niet alleen onverminderd van kracht, maar worden vanaf dat jaar ook aangescherpt. Dit vraagt om extra aandacht in de meerjarenbegroting. Het is al langere tijd een probleem dat gemeenten pas laat in het jaar middelen vanuit het rijk krijgen, waardoor die niet meer kunnen worden uitgegeven. Het resultaat van de jaarrekening lijkt hierdoor positiever, maar de middelen zullen het volgende jaar toch nog moeten worden uitgegeven. Wat betreft onze eigen maatstaven: we baseren onze inschattingen op de meest actuele gegevens uit de circulaires. In de meerjarige ramingen sluiten we aan bij de ontwikkeling zoals die door het Rijk wordt gehanteerd, tenzij onze lokale cijfers aantoonbaar afwijken van het landelijke beeld. Binnen dit kader hanteren we het uitgangspunt van behoedzaamheid. Zo hanteren we bij de berekening van maatstaven voor huishoudens met een laag inkomen een gemiddeld cijfer in plaats van het meest recente jaar, om onnodige schommelingen te voorkomen. Er bestaat nog steeds een risico op een (neerwaartse) bijstelling van de Algemene Uitkering en we nemen beheersmaatregelen door realistische ramingen, aansluiting op Rijksprognoses en het toepassen van behoedzaam financieel beleid.
Overige risico’s
Naast het in bovenstaande tabel genoemde risico, die boven de rapportagegrens valt, zijn voor de berekening van het risicoprofiel ook de volgende risico’s meegenomen. Deze risico’s vallen onder de rapportagegrens, zoals opgenomen in het bovenstaande figuur, te weten:
- REP regionaal bijdrage van het Rijk.
- Stadionbedrijf Emmen B.V.
- Kostenstijging waardoor exploitatie van gronden duurder wordt.
- Risico op (grote) financiële afwijkingen op de BUIG.
- Rentestijgingen waardoor aantrekken van gronden (aankoop) duurder wordt
- Cyberrisico
Risicosimulatie
Op basis van de ingevoerde risico's is een risicosimulatie uitgevoerd. De risicosimulatie wordt toegepast, omdat het reserveren van het maximale bedrag van € 58,99 miljoen ongewenst is. De risico's zullen immers niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang optreden. Uit de risicosimulatie volgt dat bij een zekerheidspercentage van 90% zeker is dat alle opgevoerde risico's kunnen worden afgedekt met een bedrag van € 18,18 miljoen (benodigde weerstandscapaciteit vanuit het risicoprofiel).
2.1.3 Wildlands
Op 28 maart 2019 heeft de raad ingestemd met het Businessplan Wildlands en het hierin voorgestelde scenario, herstructurering. Bij de jaarrekening 2018 is mede om die reden, voor de bepaling van het benodigde gemeentelijk weerstandsvermogen inzake het risico Wildlands, er voor gekozen dit in afwijking van de gangbare gemeentelijke systematiek buiten de Monte Carlo berekening gehouden. Dit omdat dit risico zich niet verhoudt tot de omvang van de andere risico’s en daarmee afbreuk zou doen aan de bruikbaarheid van de uitkomsten. Het bepalen van het risicoprofiel omtrent de belangen in Wildlands vergt maatwerk.
De gemeente heeft hiertoe een berekening gemaakt van de eventuele liquiditeitsbehoefte van Wildlands in een worst-case scenario van 850.000 bezoekers en op basis van 4 jaar overbrugging. Gezien de toename van de bezoekersaantallen de afgelopen jaren is in overleg met de accountant overeengekomen vanaf de jaarrekening 2025 uit te gaan van 850.000 bezoekers per jaar (vorig jaar 800.000 bezoekers per jaar). Hiervoor is gekozen op basis van een bij het Businessplan Wildlands uitgevoerde gevoeligheidsanalyse. Hierbij is een aantal scenario’s doorgerekend (gelijkblijvende yield, gelijkblijvende horeca en retailbestedingen, een lagere realisatie van voorgenomen bezuinigingen en een gelijkblijvend lager bezoekersaantal van 850.000). Hieruit blijkt dat het lagere bezoekersaantal de belangrijkste variabele is.
De berekening die we hanteren voor de bepaling van het risico is als volgt:
- het gemiddelde liquiditeitstekort per jaar bepalen over een periode van 4 jaren (2026 t/m 2029) in dit
geval € 2.845.605;
- uitgaan van een geleidelijke afbouw in 4 jaar nemen we het 1ste jaar 100% - 2e jaar 75% - 3e jaar 50% -
en 4e jaar 25% van het jaarrisico mee;
- in totaal is dit 250% van het jaarbedrag, oftewel een factor 2,5.
Hiermee komt het benodigde weerstandsvermogen, specifiek voor het risico Wildlands, bij de jaarrekening 2025 uit op 2,5 x € 2,8 = € 7,1 miljoen (was 10,3 miljoen).
Echter gezien het feit dat Wildlands gedurende 2025 de begrote omzet niet heeft behaald en de ontwikkeling van de bezoekersaantallen en het rekening courant een aandachtspunt is, is het risico van €10,3 miljoen (jaarrekening 2024) onverminderd van kracht. Wij handhaven dan ook het risicobedrag en daarmee het benodigd weerstandsvermogen bij de jaarrekening 2025 op € 10,3 miljoen.
Daarnaast werken we sinds de jaarrekening 2021 met een zogeheten ondergrens voor het benodigd weerstandsvermogen. Deze ondergrens is bepaald op 5% van de uitstaande leningenportefeuille per 31/12 van het betreffende boekjaar. Bij de jaarrekening 2025 gaat het dan om een bedrag van € 3,11 miljoen (5% van 62,3 miljoen).
Mocht in enig jaar het benodigd weerstandsvermogen op basis van de systematiek onder deze ondergrens komen te liggen, dan hanteren we het bedrag van de ondergrens als aan te houden weerstandsvermogen.
Om de toegenomen belangen en de financiële positie van de gemeente Emmen in Wildlands zeker te stellen en gezien het economisch en maatschappelijke belang van Wildlands voor de regio hebben wij hiervoor een een governancestructuur ingericht die als voorwaarden zijn verbonden aan de verstrekte geldleningen.
Tot slot merken wij op dat het inschatten van dit risico, ook bij de nu gekozen maatwerkberekening, erg complex, omvangrijk en gevoelig is en blijft.
De afgelopen jaren is in de praktijk gebleken dat de ideale mix van bezoekersaantal ten opzichte van yield zich voordoet bij een (iets) lager liggend bezoekersaantal waarbij een hogere yield wordt gerealiseerd. In de herziene businesscase is dit bijgesteld. In lijn met de hogere bezoekersaantallen van de afgelopen jaren is in overleg met de accountant overeengekomen voor de jaarrekening 2025 het oorspronkelijk gehanteerde bezoekersaantal van 850.000 voor het worst case scenario weer te hanteren. Voorgaande jaren werd gerekend met een bezoekersaantal van 800.000.
2.1.4 Samenvatting benodigde weerstand
In totaal bestaat de benodigde weerstandscapaciteit uit twee delen, te weten:
Benodigde weerstandscapaciteit | Bedragen x € 1.000 |
|---|---|
Risicoprofiel overige risico's | 18.183 |
Wildlands | 10.300 |
Totaal | 28.483 |
De norm is dat het aanwezige weerstandsvermogen ruim voldoende moet zijn (de beschikbare weerstandscapaciteit moet minimaal 140% zijn van het benodigde weerstandsvermogen). In dit geval is dat een bedrag van € 25.180.000 * 140% = € 35.252.000.
